Juryrapport 2010
Inleiding
Nederland is de afgelopen jaren met enige regelmaat opgeschrikt door eergerelateerd en huiselijk geweld, waar veelal meisjes en vrouwen en soms ook mannen het slachtoffer van worden. Eergerelateerd geweld komt voort uit de opvatting dat familieleden met elkaar de familie-eer hoog moeten houden. De familie-eer kan worden aangetast door onkuis gedrag, met name van vrouwen en meisjes, echtscheiding, overspel, homoseksualiteit, maar ook het niet meewerken aan een gearrangeerd huwelijk. Het idee is dat het aantasten van de familie-eer weer rechtgezet (gezuiverd) wordt door een bestraffende daad; uitsluiten, opsluiten, dreigen, geweld of in het uiterste geval moord.
Het besef van eer en schaamte, het deel uitmaken van een familie en grote gemeenschap is in verschillende migrantengemeenschappen in Nederland sterk aanwezig. Het migreren naar stedelijke gebieden heeft niet veel veranderd aan traditionele opvattingen, integendeel. Het behoren tot deze familie en gemeenschap geeft steun en warmte in een harde maatschappij en de traditionele opvattingen over zedelijkheid worden overgedragen op de volgende generatie. Hoewel duidelijk is dat de regels daarvan in de praktijk niet altijd worden nageleefd is het taboe om daarover te spreken groot. Hoewel de kennis bij Nederlandse hulpverleners en de politie over dit onderwerp de afgelopen jaren is gegroeid, zijn zij niet altijd in staat om signalen te herkennen en adequaat, dat wil zeggen passend bij de context, te interveniëren.
Het is daarom ook van groot belang dat er gezocht wordt naar andere vormen van aanpak van het probleem van eergerelateerd geweld.
Het project ‘Van Huis Uit' in Den Haag is een bijzonder voorbeeld van zo'n aanpak .
Het project
Het project ‘Van Huis Uit' is ontwikkeld door Unit MCI van de stichting Mooi, in samen- werking met trainingsbureau Odyssee. Het project is gericht op het voorkomen van eergerelateerd geweld en uithuwelijking. Het project heeft zich erop gericht om sleutelfiguren uit de diverse etnische gemeenschappen op te leiden tot gemeenschapsbemiddelaars. Deze gemeenschapsbemiddelaars kunnen preventief optreden bij spanningen binnen en buiten de familiekring. De bemiddelaars geven voorlichting maar bemiddelen ook zelf. Omdat zij zelf uit de doelgroep komen, genieten zij gezag. Ook kennen zij de signalen en codes en zijn getraind in bemiddelingstechnieken. In de afgelopen periode is in 16 conflicten officieel en met succes bemiddeld. Zij winnen vertrouwen, ook bij mensen die voor andere hulpverleners moeilijk bereikbaar zijn. Zij kunnen vanzelfsprekendheden in de families ter discussie stellen en durven in de gesprekken een ander geluid te laten horen. Op die manier voorkomen zij verdere escalatie van een conflict.
Vanuit het project wordt samengewerkt met andere zorg- en welzijnsinstellingen en wordt ook voorlichting gegeven aan andere professionals. Er is inmiddels een wekelijks spreekuur, er wordt huisbezoek gedaan en met voorlichtingsbijeenkomsten zijn inmiddels tweeduizend mensen bereikt. De bereikte doelgroepen bestaan uit Surinamers en Hindoestanen, Irakezen, Koerden, Turken en Marokkanen.
Voorbeeld
Een voorbeeld: een 19-jarig Alevitisch meisje wilde met een Soennitische jongen trouwen en liep weg van huis. In de tussentijd woonde zij samen met de jongen. De vader van het meisje was erg emotioneel over de hele situatie en wilde ze allebei wat aandoen. Het was niet acceptabel voor de vader dat zijn dochter het huis had verlaten. Er volgden lange gesprekken tussen de bemiddelaar en de vader. In de familie was er ook een beraad om de vader van deze plannen af te helpen en er werd bij hem op aangedrongen dat hij de situatie moest accepteren. De bemiddelaar gaf aan dat hij de vader al heel lang kende en dat er een vertrouwensrelatie tussen hen was. Dat het niet hoefde te escaleren en dat er verzoening mogelijk was. Het was niet mogelijk dat de dochter weer terug naar huis kwam, omdat zij geen maagd meer zou zijn. Er volgden diverse gesprekken tussen de bemiddelaar en de rest van de familie. De familie besloot uiteindelijk de situatie te accepteren. De bemiddelaar wist, door de oudste broer van de man te benaderen, de juiste druk uit te oefenen in positieve zin. Er volgde een huwelijk en alles is uiteindelijk goed verlopen.
Overwegingen van de jury
De jury van de Kartiniprijs 2010 vindt het project ‘Van Huis Uit' een inspirerend project; het wordt gedragen door vrouwen en mannen uit de etnische gemeenschappen die ook de doelgroep zijn en vergroot de kansen van vrouwen op een leven waarin zij zelf beslissingen kunnen nemen over hun relaties, huwelijk en lichamelijkheid, in goede harmonie met de gemeenschappen waar zij uit afkomstig zijn. De jury is ervan overtuigd dat dit project ook een positief effect heeft op de betrokken mannen en vaders, omdat zij eveneens uit de negatieve spiraal van verstoorde verhoudingen en geweld komen.
Dit positieve effect wordt bereikt doordat de gemeenschapsbemiddelaars, zich niet alleen richten op voorlichting, maar zelf actief bemiddelen. Hun werkterrein is het terrein van eergerelateerd geweld en eerwraak, een thema dat de afgelopen jaren actueel is geworden in de Nederlandse samenleving en heftige reacties losmaakt. Het gegeven dat er binnen de gemeenschappen zelf naar emancipatoire oplossingen wordt gezocht, vindt de jury van groot belang in de hedendaagse samenleving.
Ook de formule van de inzet van (vrijwillige) sleutelfiguren als gemeenschapsbemiddelaars vindt de jury van belang; niet alleen kunnen zij goed bemiddelen, ook functioneren zij als rolmodel. Het project levert op deze manier ook een positieve bijdrage aan de integratie van verschillende bevolkingsgroepen in de Nederlandse samenleving. Het preventieve karakter door voorlichting, zowel binnen de eigen gemeenschappen als bij professionals wordt door de jury positief gewaardeerd. De methode van het project is goed overdraagbaar naar andere steden. Er is materiaal daarvoor aanwezig. Het feit dat het project van twee kanten aan de jury werd voorgedragen; zowel door het bureau Movisie als door de dienst SZW van de gemeente Den Haag, betekent ook dat het project bekendheid geniet. Dit vergroot de kans op gebruik van de werkwijze op andere plaatsen.
R.A. Kartini, de vrouw naar wie onze Haagse prijs vernoemd is, zette zich in voor een leven als individu, waarin ze kon leren en studeren en economisch zelfstandig zijn.
Zij moest manoeuvreren tegen de sociale druk van haar omgeving in en zocht daarbij de steun van invloedrijke personen zodat haar familie niet door haar ideeën benadeeld zou worden. Toch is het haar niet gelukt om te studeren en moest zij uiteindelijk, ontgoocheld en geïsoleerd, trouwen. Zij overleed vier dagen na de geboorte van haar enige kind.
Het is dan ook in de gedachtenis aan deze vrouw dat de jury de Kartiniprijs 2010 van harte toekent aan het project ‘Van Huis Uit'.
Zodat vrouwen en mannen de weg van hun hart kunnen gaan, veilig zijn en in vrede kunnen leven met hun familie en gemeenschap.
Namens de Jury,
Nienke van Dijk
Voorzitter
Den Haag, 1 maart 2010